‘Ik heb mijn leven lang ervaren dat ik mijzelf kon vergeten als ik muziek maakte’

Ivar Berix (53) klarinettist van Calefax.

Bij binnenkomst moest je in een kring gaan zitten en een kaartje trekken. Dat deed ik. Toen las ik: ‘De man die bevestiging en goedkeuring zoekt bij zijn vrouw, vindt zijn moeder in bed’. Deze zin kwam heel diep bij mij binnen, de herkenning was pijnlijk confronterend. Ik herkende mijn rol. Natuurlijk wist ik wel dat ik geen man wilde zijn die bevestiging zocht bij zijn vrouw. Maar nu pas voelde ik het, en voelde ik hoe onvrij ik was. Die rol moet van jongs af ingesleten zijn: ‘Mama doe ik het zo goed?’ Daar leefde ik naar.

Ik ben op m’n achtste begonnen met klarinet spelen. Ik was fanatiek en had het gevoel dat ik er goed in kon worden. Daarin werd ik bevestigd en ondersteund door mijn ouders. Toen ik in de tweede klas van de middelbare school zat, wist ik dat ik naar het conservatorium wilde. Ik vormde mij een beeld: ik reisde over de wereld, ik stond op een podium, oogstte applaus en ik wist: als succesvol muzikant zou ik gelukkig zijn.

Op drieëntwintigjarige leeftijd, net afgestudeerd aan het conservatorium, mocht ik meespelen met het Concertgebouworkest. Het was niet zo maar een concert, het werd live uitgezonden op televisie. Voor mij was het een enorme eer daar aan mee te mogen doen. Ik zat tussen de beste musici die ik me kon voorstellen. En het ging goed. Dit optreden was een enorme bevestiging, het hoogste dat ik kon bereiken.

Zodra ik begin te spelen kan ik moeiteloos geluk ervaren

Een paar dagen later verdween het euforische gevoel en maakte plaats voor de vraag: was dit nou het ultieme geluk? Het antwoord wist ik al: nee. En niet omdat ik dacht dat ik nog meer kon bereiken maar omdat ik besefte dat ik het geluk ergens anders moest zoeken.

Ik heb mijn leven lang ervaren dat ik mijzelf kon vergeten als ik muziek maakte. Zodra ik begin te spelen, kan ik me moeiteloos overgeven aan de muziek, en in het moment geluk ervaren. Als ik niet speelde, lukte me dat niet. Dat diepe geluk van mezelf achterlaten wilde ik altijd ervaren. Zo wilde ik leven, zo vrij. Na het optreden met het Concertgebouworkest werd mijn nieuwe doel: overgave realiseren in mijn dagelijkse leven.

Ik begon een vrij radicale zoektocht. Ik had het idee dat ik te veel werd geleefd, door anderen werd beïnvloed. Daaraan wilde ik ontsnappen. Ik heb aan woningruil gedaan: ik heb mijn krant opgezegd, televisie weggedaan, en verruilde een mooie etage in Amsterdam voor een mooi huisje in het bos.

Ik heb me vervolgens suf gemediteerd, tien jaar lang

In het bos ben ik boeken gaan lezen, mediteren, wandelen; ik probeerde contact te krijgen met mijzelf. Intussen bleef ik gewoon muziek maken. Ik heb het een jaartje volgehouden, het was moeizaam, eenzaam. Ik heb er wel geleerd dat de omstandigheden niet bepalend hoeven te zijn om in contact te treden met jezelf.

Rust in mijzelf, daar ging het om. Ik heb me vervolgens suf gemediteerd, tien jaar lang. Tijdens de retraites vond ik wel rust, maar ik kon die rust niet integreren in mijn dagelijkse leven. De meditatie ging gepaard met studie van teksten van allerlei verlichte geesten: Boeddha, Bhagwan, Krishnamurti. Ik begreep alles, ik vond het fantastisch, maar de inhoud bleef op afstand, raakte me niet in mijn gevoel.

Dat deed die spreuk tijdens die training met alleen mannen wel. ‘In bed je moeder vinden’ – nee. Daarna werd het pas echt interessant. Iedereen kan begrijpen dat je los moet komen van beperkende overtuigingen, dat de vrijheid alleen in het nu is te vinden. Alleen: hoe?

Tijdens een andere training – deze keer zonder voorafgaande tekst – ervoer ik plotseling hoeveel afwijzing er in mijzelf zat. Die ervaring zorgde ervoor dat er iets van mijn schouders af viel; het lukte me mijzelf mij heel diep te erkennen. Die nacht sliep ik nauwelijks. Met zonsopgang ging ik naar buiten, ik kwam in een diepe, spontane meditatie terecht. Ik verlangde nergens meer naar, ik hoefde nergens naartoe. Terug in de groep hoefde ik ook niets meer op te houden. Mijn relatie naar de groep veranderde, het contact was opener en echter.

Veel sterker dan ooit besefte ik nu dat mijn leven beheerst werd door het onderbewuste

Het pad van het mentale, rationele onderzoek heb ik achter me gelaten. Veel sterker dan ik me ooit gerealiseerd had, besefte ik nu dat mijn leven beheerst werd door het onderbewuste. Wat stuurt mij? Die vraag kwam centraal te staan.

Ideeën, theorieën, beelden komen uit het voorstellingsvermogen, dus eigenlijk uit de fantasie. Het contact met het nu, de realiteit, komt dankzij de zintuigen tot stand, via de ogen, de oren, de tastzin. Via de muziek.

Ik ben terug waar ik was op drieëntwintigjarige leeftijd, alleen ben ik nu een ander mens. Ik zal niet zeggen dat ik mijn doel van destijds – overgave realiseren in mijn dagelijkse leven – volledig heb bereikt maar het bewandelen van dit pad heeft mij bijzonder veel gegeven.

Ik zie dat veel mensen door de impact van de maatregelen rondom corona op zichzelf worden teruggeworpen. Met zichzelf worden geconfronteerd – veelal veroorzaakt door het isolement. Veel vrienden en collega’s in de muziek kunnen ineens geen muziek meer maken. Ik las het zelfs op Facebook bij een gewaardeerde collega: ‘Wie ben ik als ik geen muzikant ben?’

De vraag ’Wie ben ik?’ heb ik zelf lang niet begrepen. Je zou kunnen zeggen dat het een vraag is voor gevorderden. Maar er zijn vele tussenstappen te zetten op het pad naar jezelf, naar een dieper geluk in jezelf.

Nu ik als muzikant geen concerten kan geven, heb ik besloten dat ik mijn ervaring van de afgelopen dertig jaar actief wil gaan delen. Veel mensen denken dat je succesvol wordt als muzikant wanneer je je instrument goed beheerst en precies kunt spelen zoals je wilt. Natuurlijk is dat belangrijk, maar het geheim van écht succes ligt op ander terrein: je moet goed kunnen luisteren. Daar wil ik anderen komende jaren over vertellen.”

Foto: Lars van den Brink

Zin in het alledaagse

Mede mogelijk gemaakt door Instituut Gak.