‘Ik maak zin door te reizen, als we maar op weg zijn naar nieuwe avonturen.’

Elyn Nierop (57) reist om los te komen van haar ziekte: ‘Vroeger maakten we plannen, nu voeren we ze uit’

We wachten nu op uitslagen van de driemaandelijkse scan en bloedtest. Als die uitslag niet te slecht is, gaan we weer een maand naar onze boot in Panama. Ik maak zin door te reizen. En als we de kans krijgen, gaan we weer, met een camper, met de zeilboot, maakt niet uit, als we maar op weg zijn naar nieuwe avonturen.

Vijf jaar heb ik nu darmkanker. Ik ben nu vier keer geopereerd en heb twee keer een chemokuur moeten ondergaan. De kanker is uitgezaaid, er zitten tumoren waaraan ik niet meer geopereerd kan worden. Dat is een hard gegeven.

Ik heb de oncoloog voorgesteld een chemopauze te nemen. Zij vond dat een goed idee. Onmiddellijk vroegen we ons af: wat is er mogelijk, als we niet meer wekelijks naar het ziekenhuis moeten, de infusen eruit kunnen, de thuiszorg niet meer nodig is? Vrijheid, dat woord kwam in ons op. We hebben het plan opgevat een reis te maken. Het is heerlijk om weg te gaan.

Ook mijn wereld stortte in, nadat ik te horen had gekregen dat ik kanker heb. Even dacht ik: een operatie, en het is weg. Bij mij kwamen de tumoren snel terug.

Ik houd vrienden via e-mail op de hoogte, dat haalt de drempel weg met mij over mijn ziekte te praten. Ook mijn man legt geregeld wat uit in een groepsapp. In het begin was het voor veel mensen moeilijk er met mij over te praten, vooral voor collega’s en dorpsgenoten die ik vaag ken. Het blijft moeilijk, ik kan moeilijk zeggen dat de ziekte begint te wennen, maar na zoveel slechte uitslagen is de ziekte nu wel onderdeel van mijn leven geworden.

Een fijne tijd met elkaar hebben

We hebben een zeilboot, maar omdat ik nog een complicatie heb met een nierdrain, moeten we oppassen voor een infectie door water. Zeilvrienden uit Amerika zeiden ooit: ‘Je kunt onze camper altijd lenen’. Ze boden aan mee te gaan, voor het geval dat. Tijdens onze zeiltochten met hen hadden ze altijd de weidsheid van Amerika geprezen. Die wilden we graag zelf zien.

Het is niet zo dat het maken van een reis mijn nieuwe doel is. Dat is me vaak gevraagd: wil je nu niet iets héél anders doen? Je leven anders invullen? Nee, ik vind mijn werk leuk, mijn collega’s. Als ik niet meer kan werken, ga ik vrijwilligerswerk doen.

We besloten met z’n tweeën met de camper te gaan. Het is belangrijk ook een fijne tijd met elkaar te hebben. Het half jaar daarvoor hadden we toch voornamelijk zorgen. Over mijn gezondheid, over het vervoer naar het ziekenhuis, over de thuiszorg, over infecties, complicaties, over eten, over niet-eten, over wondjes in mijn mond, over afvallen, over herstelweken. Nu zochten we andere gesprekken, andere belevenissen, andere avonturen.

We zijn naar San Francisco gevlogen. Het was een oude camper, uit 1978, een oldtimer. Voor Nederlandse begrippen is het een grote camper, Amerikanen vinden dit een kleintje. We hebben de wagen schoongemaakt, gevuld met boodschappen en zijn op pad gegaan. Ik zag geen doemscenario’s voor me van een kapotte auto, die langs de kant van de weg stond. Onze vrienden sloten nog wel een extra verzekering af voor het geval de auto ermee zou stoppen. Dan zouden we hem parkeren en terugreizen, zo was de afspraak.

Daar reden we over de eindeloze Amerikaanse wegen. ’s Avonds kampeerden we ergens in een National Parc aan een riviertje, waar hooguit tien plaatsen waren voor campers.

Er stonden een paar tentjes, vaak van vissers. Klapstoel naar buiten, boek erbij, glaasje wijn. Dat zijn de mooie momenten.

Afhankelijk van de uitslagen maken we plannen

Tijdens de reis lukte het me aardig los te komen van mijn ziekte. Uiteraard borrelt de ziekte dagelijks in je hoofd op, ook omdat ik nog een drain heb die om de zoveel tijd moet worden verzorgd. Ik genoot van wat ik in de natuur zag, van het kampvuurtje dat wij stookten. Het was heerlijk uit de huiselijke sleur van de chemo te zijn.

Na een paar weken zonder chemo kwam mijn trek terug. Het voordeel van een camper is dat je zelf je eten kunt koken, en niet elke avond in een hotel zit en naar een restaurant moet. Ik ben nu vier keer geopereerd, mijn darmen protesteren weleens. Zelf samen eten maken is dan wel lekker.

Bij mij is het glas altijd halfvol. Vorig jaar, ook weer na een operatie, reden we door Frankrijk. Het was slecht weer, heel slecht. Tot het even opklaarde. ‘Zie je’, zei ik tegen mijn man, ‘hoe de zon erdoor komt?’ Je kunt ook zeggen: het blijft wel erg bewolkt.

Afhankelijk van de uitslagen maken we plannen. En voeren ze uit. Vroeger maakten we ook graag plannen, maar de hectiek van het dagelijks bestaan zorgde er soms voor dat ze werden uitgesteld.

Beschikbaarheid van collega’s bepaalde geregeld of we op reis zouden gaan. Nu geef ik duidelijker aan dan vroeger dat ik weg kan, een goede periode heb. Voor je het weet, ben je maanden verder, en je weet nooit hoe je er dan bij zit.

foto: lars van den Brink

Zin in het alledaagse, Zin na ziekte

Mede mogelijk gemaakt door Instituut Gak.