Vakantie voorbij

Wees blij dat de vakantie weer voorbij is. Dat stelt hoogleraar medische filosofie Ignaas Devisch in een opiniestuk in NRC Handelsblad. Devisch is afgelopen jaar bekend geworden door zijn boek Rusteloosheid. een pleidooi voor een mateloos leven. Die lofzang op het rusteloze klonk ook nu weer door in zijn betoog: ‘Wat is er fijner dan de voldoening nadat je een deadline hebt gehaald en tevreden bent over het resultaat?’

Uit ervaring kan ik zeggen: weinig. Maar wat is er fijner dan de voldoening nadat je een deadline hebt gehaald die iemand anders jou heeft opgelegd en je een resultaat hebt behaald waar je zelf niet achter staat? Vrij veel.

Het pleidooi dat Devisch houdt voor werk – ‘we leven om te werken’ – is tamelijk elitair. Dat beseft Devisch zelf ook, want, zegt hij, ik heb het natuurlijk niet over ‘mensen die in sweatshops in een hels tempo spijkerbroeken moeten naaien’. Nee, dat is het andere uiterste. Wij leven er middenin. En hoe gaat dat?

Ik ging te rade bij een interview in The Washington Post met Paul Polman, bestuursvoorzitter van Unilever. Polman benadrukt in The Post het belang van waarden. Volgens hem toont onderzoek aan dat minder dan dertig procent van de mensen gelukkig is op zijn werk. ‘Een angstwekkend cijfer.’ Volgens Polman komt dat doordat ‘de waarden die werknemers in hun gezin hanteren niet stroken met de waarden die op het werk worden verkondigd’.

Ook Devisch erkent dat alles afhangt van het soort werk dat we uitoefenen. ‘Maar als we ons dagelijks leven niet langer als zinvol ervaren omdat we de hele tijd taken moeten uitvoeren die nergens toe leiden, is het probleem niet zozeer de tijdsdruk, maar het ontbreken van de mogelijkheid om onze dagen op een zinvolle manier in te richten.’ Die terechte conclusie leidt naar mijn idee niet tot vreugde omdat de vakantie weer voorbij is, of tot een lofzang op een of andere vorm van mateloos leven, maar simpel tot de vraag hoe je je werk weer zinvol kunt krijgen.

Als je je niet herkent in je werk en het oneens bent met de doelstellingen van je onderneming, moet er volgens René Gude op den duur iets gaan wringen op zingevingsgebied. De socioloog Karl Mannheim noemde dat ‘functioneel rationaliseren’: steengoed zijn in het bereiken van doelen waar je zelf nooit over nagedacht hebt. Hij pleitte voor ‘substantiële rationalisering’: steengoed zijn in het bereiken van doelen waar je wel over nagedacht hebt en volledig achter staat.

Is dat mogelijk? Gude: ‘Het is iets om naar te streven. Soms kunnen medewerkers voldoende invloed ontwikkelen op de doelstellingen van hun werkgever. Medewerkers van Nutricia hebben zich verzet tegen genetisch gemodificeerde groente in babyvoeding, omdat ze het dan niet meer aan hun eigen kinderen wilden geven. Werk is een interessant terrein om aan zinvolle doelen te werken.’

Dat doe je niet door eindeloos op vakantie te gaan. Net zo min door als een bezetene deadlines te halen waar je niet achter staat. Wellicht bereik je het wel door je te bezinnen op het werk. Het gesprek aan te gaan met vrienden, collega’s, leidinggevenden, werkgevers. Bezinnen op het werk is een zingevende activiteit, in de categorie van Gude passend bij Z3, het rationele, het verbale.

En als een werkgever hier geen aandacht voor heeft? Gude: ‘Dan is hij volgens Marx een nare kapitalist die de arbeider vervreemdt van zijn eindproduct.’ In tijden van digitale blaming and shaming zullen werkgevers als de dood zijn om voor nare kapitalisten te worden uitgemaakt en veel sterker dan vroeger oor hebben voor zingevingsvraagstukken op het werk.

Z4 Zinvol

Mede mogelijk gemaakt door Instituut Gak.